Luchtkastelen in de zandbak

Sinds ik moeder ben van drie zonen, snap ik éindelijk een bepaald type man. Het betreft hier (ogenschijnlijk) succesvolle types die zichzelf een hoge mate van macht en invloed toedichten en het daardoor op miraculeuze wijze ook verwerven. Je herkent ze aan uitspraken als ‘Meisje, ik los dat wel op, naar mij luisteren ze wel.’ ‘Ik gaf ze een week en toen tekenden ze dat contract echt wel. Ja en nu móeten ze gewoon bouwen.’ ‘De mijne trekt in 1 seconde op naar de 100 km per uur.’  ‘Dat jij dat niet snapt.’

 

Ik zeg niet dat ik de man als soort niet serieus neem, maar sommige uitspraken door mensen met een wormvormig aanhangsel, parkeer ik steeds vaker in de vakjes ‘hij bluft, blaat en blaast‘  en dat is misschien wel de grootste opluchting in mijn volwassen leven. 

Ze doen het niet expres, ze bedoelen het al helemaal niet kwaad en ze doen het al vanaf dat ze vier zijn. Alleen maakt het wel uit of je een luchtkasteel in een zandbak bouwt of het Centrum van Leidsche Rijn. 500 miljoen zandkorrels tegenover 500 miljoen euro.

 

Zandbak

Het  begon me op te vallen vanaf het moment dat mijn zoontjes in de zandbak begonnen te spelen. Ze hadden allemaal de hoogste berg en de langste tunnel. Een vriendje, dat geen seconde op een stoel kon stil zitten, vertelde hier altijd honderduit dat hij de beste in, nou ja, eigenlijk,  àlles was. En dus was het ook zo totdat de drempeltoets toch echt iets anders uitwees.

 

Een ander vriendje plofte hier een keer wijdbeens op de bank neer, trok zonder vragen WII-controller uit de handen van een verbouwereerde Vinexzoon 2 en sprak de woorden ‘Laat mij dit maar doen, ik ben hier ècht héél erg goed in,’ om vervolgens schaamteloos een bijzonder matig potje Mario Party te spelen.

 

Gulden middenweg

Als ik zo de verhalen van mijn zonen goed beluister gaan hun gesprekken met hun soortgenoten vaak over de beste/de grootste/de sterkste/de meeste/de vetste/ de gaafste en ga zo maar door zonder dat daar werkelijk enige grond voor is. In de fantasie is alles mogelijk en dat is mooi en zonder ambitie kom je niet vooruit. Het is zaak om de gulden middenweg te vinden. 

 

Onlangs luisterde ik een gesprekje af van een groepje jongens van een jaar of tien. ‘Je gooit als een meisje,’ schmierden ze tegen elkaar. Toen mijn dochter gisterenochtend vroeg of ze met haar twee zwaarden, prinsessenkroon en toverstaf naar school mocht, zei ik volmondig: ‘Ja.’ 

Reactie schrijven

Berichten: 0