Bye bye Rode Doos

Dat je ergens aan gehecht bent, merk je soms pas als het stopt. Ik had nooit gedacht dat ik iets om de Rode Doos kon geven, maar nu de slopers hun grijpers in haar inmiddels roze verschoten vel hebben gezet, doet het toch pijn. De Rode Doos is voor mij een Vinexlandmark van het zuiverste soort, een markeringspunt van ‘bijna thuis zijn’. 

Eerst ploeg je met je fiets bij de Douwe Egbertsfabriek de Gele Brug op, daarna volgt de weldadige afdaling langs de Rode Doos tot aan de voormalige Rotonde Des Doos en dan ben je weer thuis in de Vinex. De Doos was een ankerpunt in een alsmaar veranderend landschap. Het oog raakt er aan gehecht en blijkbaar doet je hart dan mee. Mooi of lelijk, daar gaat het niet om.


Kippenvel


Vincent Bijlo schreef ooit: ‘De Rode Doos stond langs de A2, het was een soort muziekafwerkplek. Hij lag ver uit de stad, om de Doos huilde altijd, zomer of winter, een gure wind, maar, 1 ding, je kon er uitstekend parkeren.’ Ik weet nog dat ik dat las en dacht: ‘Dat kan allemaal wel zo zijn, maar het is wel Onze Doos en ik kan er makkelijk heen op de fiets om naar mooie muziek luisteren.’

Ik zong er heel hard mee met Spinvis. Had het kippenvel op mijn armen bij AltJ. Ik lachtte me er half dood met Thomas van Luyn en Mike Boddé. In de Rode Doos beleefde ik de optredens niet anders dan concerten die bijvoorbeeld ik in de Stadsschouwburg of Paradiso Amsterdam zag.


Echt. Er was niks mis geweest met de Rode Doos als Theater voor Leidsche Rijn voor de komende dertig jaar. Het had alle Vinexswag die je maar wensen kan.  

Wij Leidsche Rijners functioneren prima in ‘the box’. We lenen er ook ook onze boeken (Biebdoos) en doen er onze boodschappen (Nooddoos) en worden daar als mens alleen maar rijker van. Want als je als je iets leert in Leisdche Rijn, is dat je nooit op uiterlijk mag oordelen. Wat er van buiten mooi uitziet, de Brede Scholen, kan van binnen vreselijk zijn.  En wat ervan buiten vreselijk uitziet, de bibliotheek in Parkwijk,  kan aan de binnenkant ozo praktisch en gezellig zijn.


Geen geluidslek


Het is jammer dat de beslissingsnemers in de stad, die hun mond vol hebben van duurzaamheid, onze enige realistische kans op een Theater, zo hebben laten lopen. Er lekte geen geluid in en uit de Rode Doos. Je kon er onmogelijk verdwalen. En misschien nog wel het allerbelangrijkste. Het was betaalbaar geweest. Niet heel de stad zou hoeven bloeden voor exploitatietekorten ten behoeve van de vrijetijdsbesteding van een select vaak kapitaalkrachtig, cultuurminnend publiek. Zo hou je ook nog geld over voor een verkeerstuin of een buurthuis.  En als we nog even hadden gewacht, was de stad vanzelf om de Doos heengekomen. De bewoners van Leidsche Rijn blijft weer achter met niks en een zoveelste belofte; een Culturele Trekker van Formaat in Leidsche Rijn Centrum, een een theater van papier, een gefantaseerd overblijfsel uit de tijd van de hoogcunjunctuur.

 

 

Reactie schrijven

Berichten: 0